Wie is online

We hebben 101 gasten en geen leden online

CameraHobby! - de site voor de digitale hobbyfotograaf

Begrippen

S

Schaal
Het uitvoerformaat van een afbeelding als percentage van het invoerformaat. Bij een schaal van of 50% worden beelden uitgevoerd op de helft van het oorspronkelijke lineaire formaat (een kwart van de totale grootte).

Scherptediepte
Het deel van de scène van voor naar achter dat op de foto als scherp wordt beoordeeld.

Scherpstelling / AF mode
EOS camera’s hebben diverse mogelijkheden van scherpstelling, waaronder AI Focus, AI Servo, One Shot en Handmatige scherpstelling. Raadpleeg de individuele definities voor meer informatie.

SD geheugenkaarten
SD of Secure Digital geheugenkaarten zijn een standaard type geheugenkaart dat in digitale camera’s wordt gebruikt.

Scherpte

Dit kan verwijzen naar de scherpte van een lens als gevolg van de optische eigenschappen, de scherpte die wordt verkregen bij nabewerking op een computer of de beeldscherpte die wordt toegepast met de parameters bij Picture Style. Hoe scherper het beeld, waar dat dan ook het gevolg is, des te duidelijker de overgang tussen de naastliggende kleurtinten op de foto of afbeelding.

SCSI
Small Computer System Interface (uitgesproken als 'skoezie') is een oudere technologie die wordt gebruikt om randapparaten (scanners, vaste schijven, printers en dergelijke) aan te sluiten op een computer.

SD
Secure Digital. Compacte geheugenkaart die is ontwikkeld door Matsushita Electric Industrial Co., Ltd., SanDisk Corporation en Toshiba Corporation. Een SD-kaart is klein en biedt een hoge lees- en schrijfsnelheid met enige mate van kopieerbeveiliging voor muziek, films en andere auteursrechtelijk beschermde inhoud. Vanwege de formattering die door SD-kaarten wordt gebruikt (FAT16), hebben ze een maximale grootte van 2 GB. Zie ook SDHC

SDHC
Secure Digital High Capacity is een versie van de hierboven beschreven SD-kaart met een hogere capaciteit. Een SDHC-kaart heeft exact dezelfde vorm en afmetingen als een SD-kaart, maar aangezien een andere formatteringsmethode wordt gebruikt (FAT32), is een SDHC-kaart verkrijgbaar in grootten van meer dan 2 GB. SDHC-kaarten kunnen alleen worden gebruikt in camera's die deze formattering ondersteunen. Raadpleeg de camerahandleiding voor meer informatie over compatibiliteit.

Sensorreiniging
Sensorreiniging is nodig om stofdeeltjes te verwijderen van het glasfilter aan de voorzijde van de beeldsensor. Sommige EOS camera’s hebben een zelfreinigende sensor die het vasthechten van stof reduceert, zodat bij het bij normaal gebruik bijna niet voorkomt dat u zelf de sensor moet reinigen.

Sluitertijd
De tijdsduur die het licht heeft om het diafragma te passeren en op de film of de chip kan vallen. De klassieke reeks is 1 sec, 1/2 sec, 1/4, 1/8, 1/15, 1/30, 1/60, 1/125, 1/250, 1/500, 1/1000 en de andere kant op 2 sec, 4 sec, 8 sec etc. Een stapje verschuiven in deze reeks betekent 2x zoveel of  2x zo weinig licht. Moderne elektronische camera's maken ook gebruik van tussenliggende waarden.

Sluitertijdvertraging
De periode tussen het volledig indrukken van de ontspanknop om een belichting van de sensor of film te starten en het moment waarop de sluiter volledig is geopend om het licht door te laten. Wordt bij EOS SLR camera’s gemeten in milliseconden. Zeer korte sluitertijdvertragingen zijn een kenmerk van de EOS-1D modellen.

Sluitertijdvoorkeuze
Een functie van de camera waarbij de fotograaf handmatig de sluitertijd selecteert en de camera automatisch het juiste diafragma instelt.

Speedlight
Een merknaam voor Nikon-flitsers.

Speedlites
De naam voor het assortiment externe flitsers van Canon.

Spotmeting
Een methode voor het meten van de belichting waarbij de camera het licht binnen een scène meet. Spotmeting maakt gebruik van het licht in het midden van de beeldzoeker, meestal een cirkel met een oppervlak van 2,5 tot 3% van het gehele beeld.

sRGB
sRGB is de universele kleurruimte die wordt gebruikt voor de meeste consumenten printers, compacte camera’s, TV’s en het Internet. Standaard Rood, Groen en Blauw. Algemene kleurruimte die wordt gebruikt door de meeste digitale beeldapparaten. Zie ook RGB.

Statief
Een statief wordt gebruikt om cameratrillingen te voorkomen door een stabiele basis voor de camera te vormen.

Stop
Een stop in de fotografie is een vergroting of verkleining van de hoeveelheid licht met een factor 2. Dat kan zijn door de belichtingstijd met een factor 2 te verlengen of verkorten (bijvoorbeeld van 1/125ste seconde naar 1/250ste seconde). Maar het kan ook zijn door het diafragma met √2 te vermenigvuldigen (bijvoorbeeld van diafragma 2.8 naar diafragma 4) of te delen (van diafragma 4 naar diafragma 2.8).

Streepvorming (Blooming)
Heldere vlekken in een foto die worden veroorzaakt doordat elektrische ladingen overlopen tussen de afzonderlijke pixels van een CCD-ensor.

Stuurprogramma
Computercode of een klein programma dat communicatie mogelijk maakt tussen een softwaretoepassing en een bepaald apparaat, zoals een digitale camera.

Synchronisatietijd
De kortste sluitertijd waarmee de camera bij normale fotografie fotografeert en synchroon blijft met de snelheid van een flitser.
Dit is veelal 1/200ste – 1/300ste seconde.

T

Tagged Image File Format (TIFF)
Een bestandsindeling voor kleuren- of grijswaardenafbeeldingen die geschikt is voor de opslag van bitmapafbeeldingen, zoals digitale foto's. In sommige implementaties ondersteunt TIFF LZW- en packbit-compressie 'zonder verlies'. (Bij compressie zonder verlies gaat er geen informatie verloren wanneer een afbeelding wordt gecomprimeerd, in tegenstelling tot bij compressiemethoden met verlies, zoals JPEG, waarbij details worden opgeofferd om een hogere compressieverhouding te behalen.) Beelden die met Nikon Capture worden opgeslagen in de TIFF-indeling, worden niet gecomprimeerd. Dit type bestand kan niet met de camera worden geproduceerd, hoewel het bij sommige oudere EOS modellen mogelijk was een TIFF bestand te maken. Zie ook Compressie, JPEG.

Teleobjectief
Een objectief met een grote brandpuntafstand, zoals 400mm, geeft een sterkte vergroting en maakt dat het onderwerp dichterbij lijkt dan het in werkelijkheid is. Deze objectieven worden teleobjectieven genoemd (het effect is hetzelfde als wanneer u door een telescoop kijkt). Een objectief met een brandpuntafstand van 70mm of meer wordt meestal een teleobjectief genoemd.

Tijdwaarde (Tv programma)
Zie ook Sluitertijdvoorkeuze

Tint
Een bepaalde kleurgradatie; een schakering of tint.

Tintcurve
Een aanpassing die plaatsvindt bij de nabewerking van een foto. Dit kan in de camera zelf of met een computer. Deze aanpassing heeft invloed op de helderheid en het contrast van de schaduwen, de middenpartijen en de lichte delen.

TIFF
Tagged Image File Format. Een bestandsindeling voor kleuren- of grijswaardenafbeeldingen die geschikt is voor de opslag van bitmapafbeeldingen, zoals digitale foto's. In sommige implementaties ondersteunt TIFF LZW- en packbit-compressie 'zonder verlies'. (Bij compressie zonder verlies gaat er geen informatie verloren wanneer een afbeelding wordt gecomprimeerd, in tegenstelling tot bij compressiemethoden met verlies, zoals JPEG, waarbij details worden opgeofferd om een hogere compressieverhouding te behalen.) Beelden die met Nikon Capture worden opgeslagen in de TIFF-indeling, worden niet gecomprimeerd. Zie ook Compressie, JPEG.

 

Toon
De helderheid van een afbeelding, gemeten als de gecombineerde intensiteit van rood, groen en blauw of de intensiteit van elk van deze kleuren (kanalen) afzonderlijk. Het aantal tonen dat kan worden weergegeven hangt af van de bitdiepte van de afbeelding: Nikon Capture 4 ondersteunt 256 toonniveaus per kanaal bij een bitdiepte van acht bits en 4096 toonniveaus per kanaal bij een bitdiepte van twaalf bits. (Gegevens met een bitdiepte van twaalf bits worden intern verwerkt als 16-bits gegevens.) De verdeling van de tonen in de afbeelding ziet u in het histogram in het venster Curves. Zie ook Bitdiepte.

Tooncurve
Een visueel hulpmiddel in een toepassing dat wordt gebruikt om de toonkenmerken te bewerken door een transformatie te definiëren tussen de invoerhelderheid en de uitvoerhelderheid in het volledige toonbereik of een deel ervan. Door de vorm van de tooncurve te wijzigen, verandert u de relatie tussen de invoer (de tonen in de originele foto) en de uitvoer (de tonen zoals deze er na bewerking uitzien). Dit is het digitale equivalent van een densitometrische curve. Zie ook Toon.

TWAIN
Een standaard voor invoerapparaten, zoals scanners en digitale camera's. Toepassingen die TWAIN ondersteunen, kunnen gegevens binnenhalen van elk TWAIN-compatibel apparaat.

TS-E objectief
Kijk bij Objectief met perspectiefregeling.

U

Uit fase
Verwijst naar een situatie waarbij twee fases van iets niet in lijn liggen. Wordt bij autofocus gebruikt om aan te geven dat het onderwerp niet scherp in beeld is.

Uitsnede
Het gedeelte van een afbeelding dat is geselecteerd in een beeldvenster.

USB
Universal Serial Bus. Een standaard voor seriële computerinterfaces die automatische 'plug-en-play' herkenning van randapparaten mogelijk maakt. Bovendien zijn USB-randapparaten 'hot pluggable', wat betekent dat ze kunnen worden aangesloten terwijl de computer of het apparaat is ingeschakeld. Afhankelijk van het type interface dat in de computer is geïnstalleerd, werkt USB op een hoge snelheid (high-speed, alleen USB 2.0), met een maximale overdrachtssnelheid van 480 Mbps, of op volle snelheid (full-speed, USB 1.1, USB 2.0), met een maximale overdrachtssnelheid van 12 Mbps. Computers met Windows Vista, Windows XP, Windows 2000 Professional of Mac OS X met een USB 2.0-interface ondersteunen high-speed USB. Neem voor meer informatie contact op met de fabrikant van het desbetreffende apparaat.

USM Unsharp Mask
Een filter dat de schijnbare scherpte van bitmapafbeeldingen vergroot. Wordt soms ook wel afgekort tot 'USM' (van Unsharp Mask). Een onscherp masker benadrukt het verschil in kleur en helderheid tussen randen (contouren) en de rest van de afbeelding. Zie ook Halobreedte, Drempel.

USM
De Canon technologie voor automatisch scherpstellen. USM is een acroniem voor Ultra Sonic Motor. Dit type aandrijving zorgt voor snel, nauwkeurig en stil automatisch scherpstellen.

V

Vast brandpunt
Een objectief met een vast brandpunt. Een objectief dat slechts één brandpunt heeft. Dit in tegenstelling tot een zoomobjectief.

Verlichting
Het licht dat op een onderwerp valt. Verlichting kan allerlei kleuren hebben (b.v. daglicht, kaarslicht of flitslicht, zie ook Kleurtemperatuur) en kan gericht (hard met hoog contrast) of bijvoorbeeld diffuus (zacht met laag contrast) zijn.

Verzadiging
Verzadiging is de densiteit van een kleur die is vastgelegd op de foto. Hoe hoger de verzadiging van de kleur, des te natuurlijker de kleur zal overkomen.

Voorkeuren
Een groep instellingen waarmee een gebruiker de basiswerking van een bepaald programma kan afstemmen op zijn of haar wensen of voorkeuren.